maandag 8 september 2025

Saai stukje over vergunningen

Zo nu en dan lees ik mee in de diskussies tussen hoerenaktivisten en hoeren onderling. We hebben allemaal een grote bek, en we hebben allemaal hele duidelijke ideeën. Die ideeën zijn niet altijd even goed doordacht, omdat er héél veel in het hoerenaktivisme ontzèttend afhankelijk is van het stukje van de hoerenwereld dat je hebt gezien. Er zijn heel veel manieren om te hoeren, en er is geen manier om in één keer alles te overzien.

Daarnaast heb je ooknog dat de motivatie om bezig te zijn met hoerenaktivisme vaak is, dat het water aan je lippen staat. We hebben wel mensen die voor ons opstaan omdat ze zien dat er onrecht tegen ons wordt gepleegd, maar die hebben meestal alleen de bizarre juridische en politieke praktijk gezien, maar weinig of geen ervaring met hoerzijn, en dus ook maar heel beperkt een idee van hoe de hoerenwereld werkt.

Een heel groot deel van de hoerenaktivisten zijn, zoals ik ook, hoeren die verneukt zijn door de politiek en de overheid, en die proberen te overleven. En mensen die proberen te overleven, hebben tunnelvisie. Daar heb ik ook veel last van gehad, en ik moet nogsteeds erg oppassen dat ik het er niet weer in laat sluipen. Die tunnelvisie is heel begrijpelijk, want dingen die je niet naar het leven staan zijn minder belangrijk voor je dan dingen die dat wel doen, maar het maakt je partijdig en niet objektief.

Sowieso zijn hoeren nauwelijks te mobiliseren, en al helemaal niet te organiseren. Dat heb ik zelf vaak genoeg meegemaakt, als ik probeerde om een meid waar ik wel een goeie aktiviste in zag, te mobiliseren als aktiviste. Als je al voorelkaarkrijgt dat je een meid met een stem zover krijgt dat ze aktivisme opneemt, gaat ze niet met jou afstemmen. Die gaat op haar eigen manier haar eigen koers varen. En je versterkt elkaar totaal niet.

Sterker nog, we rijden elkaar veeltevaak zelfs gewoon in de wielen. Daar heb ik al een stukje over. Dat is een belangrijk stukje, wat ik èlke hoer en èlke hoerenaktivist zou willen laten lezen. En eigenlijk ookwel iedereen die zich bezighoudt met het vak, of het beleid rondom het vak. In ieder geval alle mensen die goed fatsoen hebben, en te goeder trouw zijn. Ik ga danook niet herhalen wat ik in dat stukje al beter heb gezegd dan dat ik het nu zou zeggen.

Er zijn een paar hete hangijzers waarover er telkens gekift wordt tussen de hoerenaktivisten. Er is er eentje waar ik het vandaag over ga hebben: Je hebt aan de ene kant de onvergunde meiden, en aan de andere kant de vergunde meiden, de meeste juridische aktivisten, de websites, de meeste klanten, en de overheid. De onvergunde meiden zijn tegen de vergunningen die de hoeren verplicht worden te kopen, en de rest vindt werken zonder vergunning verkeerd en gevaarlijk, en klaagt over hoe oneerlijk het leven voor vergunde hoeren is.

De onvergunde hoeren zijn het roerend eens met de voorstanders van vergunningen dat al die vergunningstelsels die er zijn geweest en die zijn voorgesteld, hartstikke oneerlijk zijn. En daarom willen de onvergunde hoeren ook dat die hele vergunningentoestand overboord gaat. Sommige onvergunde hoeren kùnnen geen vergunning krijgen, maar wìllen er wel één. Veel onvergunde hoeren hebben er een broertje dood aan om gekoeioneerd en uitgebuit te worden, en wìllen dus helemaal geen vergunning.

Vergunningen voor hoeren zijn een stom idee. Als je tenminste vergunningen in wil voeren om iets anders te doen dan hoeren sarren, want om hoeren te sarren zijn ze juist heel effektief. Daar heb ik al wel een stukje over geschreven. Twee stukjes eigenlijk. Dus daar ga ik nu nietmeer diep opin, want ik heb het daar wel uitgelegd. Als je de rest van dit stukje niet snapt, zou ik even die koppelingen volgen, en dan ben je zo weer ingelicht en valt het wel op zijn plek.

Heel lang is de diskussie geweest dat de onvergunde hoeren betogen dat de vergunningen een verschrikking zijn die gewoon moet worden uitgekotst, terwijl de vergunde hoeren beweren dat de vergunningen die zij hèbben juist grote waarde hebben, maar níéuwe vergunningen een verschrikking zijn die moeten worden uitgekotst. En inhoudelijke argumenten voor de bestaande vergunningen komen er natuurlijk niet.

Ik heb vele jaren een vergunning gehad voor mijn werkflatje. Daar deed de gemeente eigenlijk niet aan, maar via een omweggetje kreeg ik toch mijn vergunning. Tot ze die op een heel hufterige manier van me afpakten, waar mijn advokaten niets tegen konden doen. Ik werk sindsdien zonder vergunning, niet omdat ik dat wòù, maar omdat de overheid me de illegaliteit in gedwongen heeft.

Je kan dus wel zeggen dat ik alle kanten van vergunningen heb gezien. Ik heb voor vergunningmelkers gewerkt, ik heb een vergunning te pakken gekregen, ik heb een vergunning gehad, ik heb een vergunning verloren, ik heb zonder vergunning gewerkt, en ik heb gewerkt toen vergunningen nog niet echt een ding waren. Ik ben aan alle kanten van het vergunningstelsel geweest, maar ik ben er, ook toen ik een vergunning hàd, en er vóórdeel van had, tégen vergunningen geweest.

Maar ik begrijp dat we niet verder gaan komen met aktivisme zolang we elkaar in de haren vliegen over vergunningen. En over andere dingen ook, maar ik ben best vaak vooral op vergunningen gebotst met andere hoeren. Want de gemoederen kunnen er best hoog over oplopen, zowel voor de meiden die verguisd worden omdat ze er geen hebben, als voor de meiden die er één hebben en merken dat ze er geen voordeel van hebben, als voor de meiden die vastzitten aan een vergunningmelker.

Het enige wat we echt nodighebben, is niet om het helemaal over vergunningen eens te zijn, maar dat we naar dezelfde kant toewerken. En dat moet kunnen. En voorzover er uberhaupt íéts haalbaar is in het hoerenbeleid, moet waar we naartoewerken ook haalbaar zijn, politiek. En als je die dingen naast elkaar legt, denk ik dat we niet veel mogelijkheden hebben. Dus ik ga voorstellen waar we dan allemaal naartoe moeten gaan werken.

Zoals vergunningen nu bestaan, werken ze niet. Ze zijn onredelijk uitgedeeld, ze beperken ons onredelijk, en ze hebben geen enkel positief effekt. Voor iedereen is het beter als ze helemaal afgeschaft worden. Dat is alleen oneerlijk voor de meiden die jarenlang grof hebben gedokt voor hun vergunning, en voor de meiden die enorme bedragen hebben afgedragen aan vergunningmelkers.

De oplossing die ik voorstel, is dat de kosten die voor vergunningen gemaakt zijn, na afschaffing van het vergunningstelsel worden behandeld als vooruitbetaalde belastingen. Kompleet met alle rentes die daarbij horen. Voor de meiden die onder vergunningmelkers werken, stel ik voor dat een jaar na afschaffing van de vergunningen wordt vastgesteld wat de dan gebruikelijke afdrachten zijn, en de jaren dat ze via het vergunningstelsel zijn uitgeknepen worden omgeslagen naar de nieuwe tarieven van afdracht. Hoe de vergunningmelker dat wil terugbetalen is dan zijn probleem.

Goed, dit gaat niet snel gebeuren, want eerst moet het vergunningenbeleid overboord, en de afgelopen vijfenveertig jaar is de overheid alleenmaar beziggeweest om het vergunningenbeleid dekkender te maken, ook toen allang duidelijk was dat het alleen misstanden in de hand werkt. Maar als we die klote-vergunningen aan willen pakken, moeten we wel samen staan, en allemaal duidelijk maken hoe schadelijk het is.

Dus wees geen exkuustruus meer die zegt dat ze het zo veilig heeft met haar vergunning, want je hoeft je investering niet te beschermen, we zullen ook met jou solidair zijn, en aktief zijn om je vergoeding te krijgen. Ja, het is iets ingewikkelder geworden om de vergunningen te bestrijden, maar veel minder ingewikkeld dan het te moeten opnemen tegen je kollegaatjes die andere ideeën hebben.

Ik denk dat iedereen, echt íédereen, dit een saai stukje vindt. Maar ik wil dit voorstel bij zoveel mogelijk hoeren in de week leggen. Want we moeten èrgens beginnen met onze verdeeldheid aanpakken. We zijn te makkelijk tegen elkaar uit te spelen, en er moet wat veranderen.

1 opmerking:

Anoniem zei

Ja leuk maar je kiest hier voor iets waar de overheid in mee moet gaan en dat gaat nooit gebeuren