maandag 13 augustus 2018

Nijdig

Een vaste klant van me verdween een poosje. Hij is al lang vaste klant, ik had hem al jaren voordat ik mijn thuiswerkplekje verloor. Toen ik overging op escort wou hij doorgaan, dus hij is nog steeds vaste prik. Hij is een betrouwbare vent, die altijd op dezelfde tijden in de week afspreekt, meestal één keer in de twee maanden. Ik reken zo'n beetje op hem, en ik hou een plekje vrij in mijn agenda als we nog geen afspraak hebben gemaakt.

Klanten komen en gaan zoals ze willen. Daar is de klant echt koning in. Je kan klanten niet verplichten om af te spreken immers. Als de nood echt hoog is kan je een beetje aan klanten gaan trekken door ze te proberen te verleiden, maar dat is meer werk dan het waard is, en het stuurt een verkeerd idee naar je klanten toe. Het is gewoon veel beter als ze zelf naar jou toe komen.

Dus toen deze klant een aantal maanden niet afsprak, stond ik daar niet echt bij stil. Hoogstens als een andere klant "zijn" plekje in de week wou boeken, en ik even moest nadenken of ik dat wel kon weggeven. Het hoort nou eenmaal bij het werk. Klanten komen en gaan. Toen ik nog onervaren was, kreeg ik van elke klant die verdween een brok in mijn keel, en vroeg ik me af wat ik toch verkeerd gedaan had. Gelukkig heb ik daar geen last meer van.

Toen de klant weereens afsprak, na bijna een jaar weggeweest te zijn, was hij reuze welkom. De verloren zoon sluit ik graag in mijn boezem. Ergens is dat bijzonderder dan een klant die bijna uit gewoonte langs lijkt te komen. Je weet dan dat hij aan je denkt ookal ben je geen vaste prik in zijn routine meer, en dat betekent dat hij je echt wìl. Het is fijn om begeerd te worden, zelfs al gaat het om je werk.

Hij kwam langs, en het was een ouderwetse goeie date. Ik zwaaide hem uit, en ik vroeg me af of hij nu weer regelmatig zou komen. Daarna zette ik het uit mijn hoofd, want je moet nooit teveel nadenken over dat soort dingen. Daar word je maar een neuroot van. Ik hou altijd wel bij wat mijn klanten doen, en watvoor patronen ze hebben met wanneer ze me willen bestellen, zodat ik daar rekening mee kan houden, niet zodat ik daar me over druk ga maken.

Na een paar maanden viel me op dat hij nu niet meer één keer in de ongeveer twee maanden kwam, maar ongeveer één keer in de vier maanden. Ik vroeg me een beetje af hoe dat kwam, en of ik erop kon rekenen. Want er was een andere vaste klant die graag het plekje in mijn agenda wou hebben wat ik voor deze klant apart hield. Het was een afwijking in zijn patroon, en dat viel me wel op.

Dus de volgende keer dat ik de klant had ontvangen vroeg ik er eens naar. De meeste klanten zijn daar reuze makkelijk over, en vinden het juist leuk dat je ze onthoudt en nog weet wanneer ze de laatste keer kwamen. Dan voelen ze zich speciaal voor je. Je moet het natuurlijk luchtig doen, en je kan beter niet doorvragen als je klant eromheendraait, maar het kan helemaal geen kwaad, vooral als het wat uitmaakt voor je zaken.

Toen ik het hem vroeg, gloeide hij helemaal op en begon een lang verhaal over een ander meisje wat hij had gevonden. Kennelijk was die vuriger, mooier, leniger, en vooral jònger dan ik. Ze was ook een èchte amateur, wat hij ook geweldig vond, en had ze altijd tijd voor hem. Hij had zich al die tijd dat hij weg was geweest met haar beziggehouden, en nu pas kwam hij weer "tussendoor" naar mij. Voor de variatie.

Dat moet natuurlijk kunnen. Hij was er heel eerlijk over, en hij bedoelde er geen woord verkeerd van. Ik had het aan hem gevraagd, van zichzelf was hij er niet mee gekomen. En dan nog, hij heeft geen plicht om dat stil te houden. Klanten zijn vrij om te kiezen, en ik weet ook bestwel dat ik niet de lenigste, de mooiste, de vurigste of de jongste zal zijn. Maar toch verslikte ik me er meteen nogal in.

Ik werd meteen nijdig. Wie was dat jonge krengetje om mijn klanten te stropen? Ik hield me groot tegen de klant, maar van binnen kookte ik zo'n beetje over. Het voelde alsof hij mijn neus erin wreef dat ik te oud en te slordig was geworden, en dat ik nu boven mijn stand werkte. Tegelijk voelde ik toch ookwel dat ik nu heel kinderachtig was, en dat het nergens op sloeg om die andere meid zo naar te bekijken alleen omdat ze haar werk goed deed.

Dat duurde een half uurtje, en toen draaiden de rollen van die twee gedachtes zich om. Ik heb geen recht om me zo boos te maken. Ik heb zelf vast ook genoeg klanten van oudere meiden afgesnoept. En ik doe ook mijn best om goed af te steken bij de rest van de business. Dus het is erg oneerlijk om dan op haar te spugen omdat ze doet wat ik zelf ook probeer te doen. Bovendien is het gewoon dom om zo je onzekerheid zijn gang te laten gaan.

Het zat me dus best dwars de volgende dag in de collegebanken. Ik werd de hele tijd afgeleid door die twee gevoelens die tegen elkaar opboksten. Dan komt er natuurlijk vanalles achteraan, over dat je te oud wordt, of dat je je op andere klanten en andere diensten moet gaan richten, of dat je je jeugd hebt verspild aan dom en onvolwassen zijn. En ik schaamde me voor wat ik deed, en ik voel ook wel schaamte voor hoe ik reageerde op die schaamte. Want dat was ook niet volwassen.

Maar waar ik me pas echt voor schaam is dat de klant het had gemèrkt. En daarom aankondigde dat hij weer elke twee maanden zou langskomen, kennelijk omdat hij me niet wou kwetsen. Ik weet zeker dat hij niet minder vaak naar dat andere meisje zal gaan, maar hij zal het aan mij niet meer vertellen. En zo krijg ik mijn zin omdat ik heb laten zien dat ik onzeker en kinderachtig was. En dat is op een bepaalde manier heel verkeerd.

maandag 6 augustus 2018

De nieuwsbrij

Mijn nieuwsstukjes waren niet populair. Ik vond ze ook niet echt leuk om te schrijven ofzo, dus ik heb ze al een poos links laten liggen. Afentoe als er wat echt uitsprong waar ik me niet over kon inhouden heb ik nogwel wat over het nieuws geschreven, en je kan zeggen dat mijn antwoordstukjes allemaal wel met het nieuws temaken hebben omdat ze over het publieke debat gaan, maar ik laat het over aan collega's die op social media bezigzijn.

Soms heb ik een enorme diepte-analyse gedaan, zoals met Jojanneke. Soms moest ik wel wat schrijven van mezelf omdat de massamedia gewoon het hele nieuwsfeit lieten liggen, zoals met Uithoorn. Over rapporten die gerespecteerd worden alsof het wetenschappelijk onderzoek is, moet ik ook wat schrijven afentoe, want die moeten ontkracht worden. Maar dat is niet echt nieuws.

Ik heb wel geprobeerd om wat breder te gaan, en een algemene beschrijving te geven van wat er wordt gezegd door wie, bijvoorbeeld in mijn stukje over kalkoenen. Hele groepen artikelen bij elkaar vegen omdat ze eigenlijk altijd hetzelfde zeggen, altijd op dezelfde manier, en eigenlijk altijd met hetzelfde gebrek aan onderbouwing. Maar dat was eigenlijk een reactie op datgene waar dit stukje over gaat.

Het gaat namelijk niet over een artikeltje of een programma hier of daar. Het gaat er juist om dat zo'n nieuwsartikeltje samenkomt met een hele stroom artikeltjes, programma's, interviews, enzovoort. Het is niet maar één artikel dat je kan behandelen zonder de hele kontekst. Want wat mensen alleenmaar denken, is: "Misschien heeft ze wel een punt, maar kijk eens naar al die andere dingen die ik hoor en zie."

Zou ik dan alles moeten behandelen? Over alles moeten schrijven wat er aan onzin over ons wordt verteld? Ik heb via Google een nieuwsdienst die me publicaties over sekswerk doorgeeft, ik volg wat er op social media over de business wordt verteld, en dan heb ik ooknog via-via informatie. En alleen al aan nieuwsberichten in Nederlandse media heb ik gemiddeld twee berichten per dag waar ik op zou moeten reageren.

Dan is het gewoon teveel. Dan is het niet meer te doen, en bovendien ben ik dan één stem in een enorme oceaan van hardere stemmen. Ik wil graag mijn steentje bijdragen, maar ik word ook niet gehoord. Ik heb wel wat mensen bereikt, maar het is zo'n klein druppeltje op zo'n grote gloeiende plaat. En het vuur van de commercie houdt die plaat gloeiend, terwijl dit blog me alleenmaar tijd en geld kost.

Wat er aan berichten komt is veel hetzelfde. Er zitten maar een paar vreemde uitschieters bij. En al die berichten, ook de rare uitschieters, hebben telkens dezelfde antwoorden nodig. Wat ìk moet schrijven is telkens hetzelfde, en het is ook voor mijzèlf saai! Als ik het opschrijf heb ik al een gevoel dat ik weer hetzelfde aan het tikken ben, en alsof het een komplete herhaling van zetten is.

En ik moet er ook mee omgaan dat wat ik schrijf niet gewoon wordt behandeld als iets wat zomaar iemand met ervaring uitlegt. Er worden verhalen over me verteld, en wat ik schrijf wordt met scheve ogen bekeken. Informatie van mijn blog is door criminologen gebruikt, maar nadat er door bepaalde mensen in de activisten-scene over me geroddeld is willen ze niet meer met me geassocieerd zijn. Dat vind ik jammer.

Gelukkig zijn er wel meer collega's die tegenwoordig van zich laten horen. Ooit was ik de enige die zo van zich liet horen, maar intussen is dat allang niet meer zo. Daar wordt ook niet naar geluisterd zoveel als zou moeten, maar het is tenminste wat. Maar in de zee van politieberichten die zonder journalisme worden gepubliceerd, de preken van verbiedertjes die als het Evangelie worden behandeld, en alle herhálingen van die verhalen, zie je er toch weinig van terug.

Misschien kan ik beter gewoon schrijven over wat mij interesseert, in plaats van te proberen bij te dragen aan kennis en begrip over het vak. Misschien moet ik gewoon schrijven voor de mensen die wèl willen leren, die wèl nieuwsgierig zijn naar wat de waarheid is. En misschien moet ik het vechten overlaten aan mensen die daar nog de energie voor hebben, en niet worden genegeerd. Als die er nog zijn.

Ik besef me dat ik in dit stukje eigenlijk heel veel herhaal wat ik al heb geschreven in vorige stukjes. Het is niet dat ik niet weet waarom ik er niet doorkom. Het is ook niet dat ik niet begrijp waarom mensen het niet willen horen. Ik denk zelfs nieteens dat ik het jullie nog een keer hoef uit te leggen. Ik wil het alleen even kwijt, omdat het me zo frustreert.

Ik maak mijn antwoord-reeks af, maar verder ga ik me nietmeer zo met het nieuws bezighouden.